Παράκαμψη προς το κυρίως περιεχόμενο

Project Kruisbestuiving

Hosted by OSOS , contributed by Ellen Steenvoorden on 20 January 2020

Titel

Project Kruisbestuiving          

“De taal is ons vaderland, waaruit we nooit kunnen emigreren.” (Irina Grivnina)

Korte beschrijving

Situatie:

Onze school – het St-Gregorius College te Utrecht - heeft veel leerlingen met een migratie-achtergrond. We vinden goede communicatie en burgerschap belangrijk. Daarom willen we leerlingen bewust maken van het belang van taal, de wisselwerking tussen talen en de invloed van talen op elkaar en op de sprekers; kortom, we willen leerlingen bewust maken van taalverwantschap en nut en doel van het gebruik van (woorden uit een andere) taal.

Onderzoek:

Taalverwantschap: we onderzoeken het wat en waarom van het gebruik van woorden uit een andere taal. Hetzelfde woord kan in de ene taal iets totaal anders betekenen dan in een andere taal.  Leenwoorden in je moedertaal blijken woorden van je NT2 en omgekeerd. Welke woorden in het NE lijken op woorden uit jouw moedertaal? Welke woorden in jouw moedertaal lijken op woorden uit het NE? Welke woorden uit jouw moedertaal gebruik je in het NE omdat het NE daarvoor geen toereikend equivalent heeft? Of andersom, welke woorden uit het NE gebruik je omdat jouw moedertaal daarvoor geen woorden biedt. Voor de NT1-leerling: welke woorden uit een andere taal gebruik je in het NE omdat het NE daarvoor (wat jou betreft) geen toereikend equivalent heeft?

Onderzoek het waarom van het gebruik van de door jou gevonden woorden en het gevonden taalgebruik.

Onderzoek kan plaatsvinden in huiselijke kring, binnen de familie en kennissenkring, binnen de eigen leefgemeenschap of juist daarbuiten en nog ruimer.

Duur van het project is afhankelijk van de beschikbare tijd en gewenste diepgang; voorstel voor het aantal lessen kan zijn een eerste les voor de introductie van het project, gevolgd door vijf of meer lessen  voor de uitvoering.

 

Aanvullende materialen

Nieuw Nederlands, 5e Editie (Noordhoff):

Cursus NN Onderzoekvaardigheden en NN Taalbeschouwing blz. 270-311 (5/6 vwo)

Cursus NN Informatievaardigheden en NN Taalbeschouwing blz. 306-343 (4/5 havo)

 

APA-richtlijnen:

https://specials.han.nl/sites/studiecentra/auteursrechten/bronnen-vermelden/apa-normen/

https://www.auteursrechten.nl/files/auteursrechten/2019-09/surf_de-apa-richtlijnen-uitgelegd_versie-november-2018.pdf

 

Een selectie van websites ter inspiratie:

https://www.taaldoetmeer.nl/

https://www.klascement.net/app-of-software/80156/moedertaal-in-nt2-app/

https://www.moedint2.nl/home

https://www.klascement.net/artikels/94407/taalanalisten-eindopdrachten/

https://www.trouw.nl/nieuws/hiphoptaal-voor-dummies~b0032d53/

https://www.nemokennislink.nl/publicaties/ze-roepen-hou-het-straat-dus-ik-timmer-aan-de-weg/

https://www.taalvormingentaaldrukken.nl/AR/AR0232.htm

http://ballinnn.com/straattaal-woorden-uitleg/

https://www.bnnvara.nl/artikelen/hoe-ontstaat-straattaal

https://www.huisvanalletalen.nl/verhalen/het-kronkelende-universum-van-smib

https://www.lkca.nl/informatiebank/buurtvaders

http://www.etymologiebank.nl/

https://www.ou.nl/web/studiecoach

https://litlab.nl/pws/

https://www.profielwerkstuktaalkunde.nl/

https://www.ru.nl/pucsociety/scholieren/profielwerkstuk/

 

Contactgegevens

e.steenvoorden@gmail.com Ellen M. Steenvoorden

m-kriek@gregorius.nl Marianne Kriek

 

Leerdoelen

Leerdoel 1 (basis): Leenwoorden herkennen, verklaren en begrijpen.

Leerdoel 2 (gevorderd): Taalverwantschap herkennen, verklaren en begrijpen

Leerdoel 3 (gevorderd): Evidence-based en gedocumenteerd onderzoeksproces funderen, plannen en uitvoeren. 

 

Leeftijdsgroep

  • 15-18 jaar oud.

Deze opdracht van het schoolvak Nederlands is bedoeld voor de bovenbouw van havo en vwo. De opdracht is geschikt om voor te bereiden op het PWS en andere vakken waarbij onderzoek wordt toegepast en waarbij onderzoeks- en informatievaardigheden van pas komen.

In afgeslankte vorm kan de opdracht ook door leerlingen van de onderbouw worden uitgevoerd.

Thema

Anders, nl:  Nederlands en MVT, Maatschappijleer, Geschiedenis, Religie, Muziek,  Aardrijkskunde, O & O

  • Geschiedenis: hoe kun je dit verklaren als je kijkt naar geschiedenis en tijdlijn (land/volk/taal/staatsinrichting)?
  • Aardrijkskunde: verklaring vanuit de geografie? (Etymologie, geoniemen, ...)
  • Maatschappijleer/-wetenschappen: maatschappelijke verbanden? (jargon, straattaal vs. streektaal, ...)
  • Muziek: welke invloeden zie je hoe terug in muziek?
  • Religie: invloed van godsdienst en religie?

RRI-PRINCIPES - Responsible Research and Innovation (link: RRI-principes)

De Europese RRI-principes zijn bedoeld om wetenschap en onderzoek op een verantwoorde manier aan te laten sluiten bij onze maatschappelijke waarden. Vul hieronder in op welke manier jouw project aansluit bij deze maatschappelijke waarden:

 

Bestuur

(Governance)

Dit gaat o.a. over zorgen voor gedeelde verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid van alle actoren:                                                              Leerlingen werken samen en delen de verantwoordelijkheid en de aansprakelijkheid voor kwaliteit en de uitkomsten van hun onderzoek.

Maatschappelijke Betrokkenheid

(Public Engagement)

Alle actoren werken samen om de resultaten in overeenstemming te brengen met de waarden, behoeften en verwachtingen van de maatschappij.   Leerlingen voeren een taak uit die dicht bij hun eigen belevingswereld ligt en die hen doet nadenken over de maatschappelijke oorzaken en gevolgen van taalverwantschap

Gendergelijkheid

(Gender Equality)

Leg hier uit op welke manier je project aansluit bij het thema ‘Gendergelijkheid’. Dit verbetert de kwaliteit en maatschappelijke relevantie van de onderzoeksresultaten.                                                                                  Juist bij taal en taalverwantschap kan naar voren komen dat gender invloed heeft. Dit kan een startpunt worden voor vervolgonderzoek ter bevordering van gendergelijkheid.

Wetenschapsonderwijs

(Science Education)

Het verbeteren van het huidige onderwijscurriculum; dit verschaft burgers de benodigde kennis en vaardigheden om op een goede manier bij te dragen aan discussies over onderzoek & innovatie.                                                                 Taal en taalverwantschap worden in de praktijk onderzocht, waarmee nieuwe kennis kan worden ontdekt, opgedaan en onderzocht.

Ethiek

(Ethics)

Dit gaat bijvoorbeeld over onderzoekintegriteit en ethische aanvaardbaarheid van wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen in de samenleving. Dit project slaat een brug tussen talen en culturen en heeft de ambitie om te verbinden.

Beschikbaarheid van Project en Uitkomsten

(Open Access)

Ter bevordering van kennisdeling: is project toegankelijk is voor anderen? Iedereen kan dit project uitvoeren. Alle informatie is te vinden op internet: Google is je beste vriend. Er zijn geen specifieke lastige materialen of contacten nodig. (Is er een plek waar de uitkomsten kunnen worden gedeeld?)

 
Learning Objectives
zie beschrijving

De leerlingen gaan de uitdaging aan

Taal is onderdeel van ons dagelijks leven. Talen zijn met elkaar verwant. Talen worden gebruikt en talen veranderen ook. Begrijpen we elkaar echter wel? Waarom worden bepaalde woorden in een taal opgenomen? Waarom verandert een taal? Waarom gebruiken sommige mensen bepaalde woorden wel of juist niet? Hieronder vind je een selectie filmpjes over taal en taalverandering. Je bekijkt er een aantal en denkt na over taal, taalgebruik, taalverwantschap en taalverandering. Je bespreekt in je groepje wat je opvalt en noteert dit.

Aanvullende materialen
[Maak je voor de inleiding van de opdracht gebruik van aanvullende materialen, zoals afbeeldingen, presentaties, foto’s, filmpjes, (links naar) websites of hand-outs? Laat deze hier achter]

https://www.youtube.com/watch?v=kki38F8JNsM [5:20]

De West-Germaanse en Indo-Europese taalfamilie: hoe komt het dat verschillende talen toch gelijkenis vertonen?

https://www.youtube.com/watch?v=80NJ13bXIB8 [2:48]

Kennisclip: Inleiding taalverwantschap

https://www.youtube.com/watch?v=BNZH8hzNOug [6:30]

Wim Daniëls bij KRAAK over zijn boek én het woord 'Houdoe'

https://www.youtube.com/watch?v=GP6GQ9YXLtc [3:33]

Wim Daniëls – Steenkolenengels

https://www.youtube.com/watch?v=vl8MNlwK_6c [4:50]

Allochtoon - Zondag met Lubach (S05)

De overheid schrapt het woord allochtoon. Het besluit komt van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) en de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WWR), want het woord is onduidelijk en kwetsend. Daarom wordt de term vervangen door ‘inwoners met een migratieachtergrond’. Ook wilde ChristenUnie-SGP in Rotterdam de term ‘laagopgeleid’ vervangen door ‘praktisch geschoolde’. Volgens het CBS zijn er nog meer veranderingen op komst.

https://www.youtube.com/watch?v=6esAvSsbLJg [24:26]

Wim Daniëls: Zeg maar houdoe met je dialect! (NTR Academie)

Schrijver en taalkundige Wim Daniëls sprak tot zijn 15e uitsluitend het dialect van zijn geboortedorp Aarle-Rixtel. Maar dialecten sterven uit. Is dat erg?

https://www.youtube.com/watch?v=nrPg2oOIVBk&t=7s [3:59]

Bejaarden raden straattaal!

Straattaal is het nieuwe ABN. Daarom hebben we met onze bejaarden van de oudjes een kleine straattaal test gedaan! Hoeveel wist jij er?

https://www.youtube.com/watch?v=PtO4mn0MAao [3:50]

Grappige taalmissers in partijprogramma's - RTL LATE NIGHT

https://www.youtube.com/watch?v=nLJX4HktzSI [29:01]

Taalgeschiedenis: over de geschiedenis van het Nederlands, het Fries en verwante talen. Aan bod komen: de taalstamboom (erfwoorden), het golfmodel (leenwoorden), internationalismen en standaardisering.

 

Uitdaging (adressed challenge)
Taalverwantschap: we onderzoeken het wat en waarom van het gebruik van woorden uit een andere taal. Hetzelfde woord kan in de ene taal iets totaal anders betekenen dan in een andere taal.  Leenwoorden in je moedertaal blijken woorden van je NT2 en omgekeerd. Welke woorden in het NE lijken op woorden uit jouw moedertaal? Welke woorden in jouw moedertaal lijken op woorden uit het NE? Welke woorden uit jouw moedertaal gebruik je in het NE omdat het NE daarvoor geen toereikend equivalent heeft? Of andersom, welke woorden uit het NE gebruik je omdat jouw moedertaal daarvoor geen woorden biedt. Voor de NT1-leerling: welke woorden uit een andere taal gebruik je in het NE omdat het NE daarvoor (wat jou betreft) geen toereikend equivalent heeft?

Onderzoek het waarom van het gebruik van de door jou gevonden woorden en het gevonden taalgebruik.

Beschrijf hoe leerlingen tot een voorstel komen om eerder gegeven ‘Uitdaging’ aan te gaan

Leerlingen werken in een groepje van 2 tot 4 personen. Leerlingen kiezen een onderwerp/woord/woorden om te onderzoeken en stellen een hoofdvraag, die ze vervolgens opknippen in evenveel deelvragen als er groepsleden zijn. De antwoorden op de deelvragen vormen tezamen het antwoord op de hoofdvraag.

Leerlingen stellen vast welke onderzoeksmethode ze gaan gebruiken en hoe ze hun onderzoeksdata willen verzamelen.

Leerlingen starten met een klein literatuuronderzoek ter onderbouwing van hun hoofdvraag en gaan vervolgens naar buiten om veldonderzoek te doen.

Alternatief: leerlingen komen als groep met hun eigen voorstel.

Aanvullende materialen

Leerlingen kunnen zelf hun aanvullende bronnen zoeken en kiezen.

De leerlingen gaan de uitdaging aan

Leerlingen hebben de keus om iets te maken, iets te ontwerpen, een onderzoek te doen of in gesprek te gaan met externe partners; opdrachten en werkvormen en samenwerking zijn vrij. Leerlingen werken aan hun individuele competenties. Zij mogen dit zelf invullen en houden dit bij in een logboek en laten dit logboek aan het einde van elke les zien aan de docent, tezamen met het uitgevoerde werk.

 

Aanvullende materialen

Leerlingen werken aan minimaal twee gekozen competenties en kunnen aan het eind van het project hun groei aantonen. Zie https://www.competentiesvoorbeelden.nl/voorbeelden-van-vaardigheden

Leerlingen presenteren hun onderzoek in de vorm van een verslag, poster of pptx-presentatie of youtube-filmpje. Dit kan op een informatiemarkt of in de klas. Daarnaast leveren de leerlingen een product op, bijvoorbeeld een kleine workshop om te geven, een kahootquiz, een sketch of rap waarin ze hun gevonden woorden en taal laten zien en horen.

Zo kunnen zij elkaar, de leerkracht, alle betrokkenen en ook de buitenwereld informeren.

Voorbeelden van gepresenteerde producten in mijn klas:

  • Originele raptekst, voorzien van een beat, voorgedragen en opgenomen (audio) of gefilmd (video met audio);
  • Kahootquiz over de betekenis van straattaalwoorden;
  • Analyse van een hiphoptrack, met uitleg van de gebruikte woorden en beelden;
  • Kahootquiz over jongerentaal/straattaalwoorden van de jaren vijftig van de twintigste eeuw.